624. P.S.

Je hebt van die dingen die achteraf komen. Bijvoorbeeld omdat ze eerder niet werden opgemerkt of omdat er geen aandacht voor was. Dan komt dat alsnog. Naast zovele dingen die nooit worden opgemerkt of waar nooit aandacht voor komt.

Dezer dagen was het weer eens zover. Hij werd aangekondigd in mijn lokale bioscoop, de film

ИДИ И СМОТРИ / Idi i smotri / Kom en zie

Aantal voorstellingen: 1. Met reden. Al vele jaren word ik erdoor achtervolgd. Moet ik deze film ooit zien, of niet? Hij geldt als de beste én ergste oorlogsfilm aller tijden. ‘Beste’ in de zin van dat je in geen andere zo indringend kan zien hoe erg oorlog is. Of: kan zijn. Want moet oorlog altijd zó erg zijn, of zijn er gradaties in? Zoals al naar gelang wie die oorlog voert?

Hoe dan ook, vóór kijken pleit dat ‘je moet weten’ hoe het echt is, oorlog. Dat je je, ver van het front, niet achter je bankstel mag verschuilen voor de werkelijkheid. Dat je je niet mag beperken tot The Longest Day & Co., films met afgeronde kanten. Oorlog als entertainment. Militaire Singin’ in the Rain.

Tégen kijken pleit dat je het risico loopt beelden op je netvlies te krijgen waar je nooit meer vanaf komt. Beelden die je de rest van je leven blijven kwellen. En dat terwijl je niet gedwongen was die beelden te zien. Wat niet weet, wat niet deert.

Onlangs ben ik er trouwens al ‘dichtbij’ geweest, bij hoe oorlog echt is. Dichterbij dan ik ooit was, bij het zien van 2000 Meters to Andriivka. En dat was een documentaire, terwijl ‘Kom en zie’ een speelfilm is. Dus hoe echt is die dan? Héél echt, ben ik bang. Te echt om te durven kijken. Althans, tot nu.

De film speelt in Wit-Rusland, nu meer bekend als Belarus, en is gebaseerd op historische feiten, met diverse echo’s die doorklinken tot in de huidige tijd. De regisseur, Elem Klimov, werd erbij geïnspireerd door wat hij zelf meemaakte, als Russisch kind. Hij, op zijn beurt, had geen keuze tussen kijken of niet kijken. Daarbij had hij vooral zicht op wat de Duitsers deden.

Toch bedoelde hij de oorspronkelijke titel niet letterlijk. ‘Kill Hitler‘ had het moeten worden. Daar ging de Sovjetcensuur echter niet mee akkoord, terwijl hij ermee bedoelde ‘Dood de Hitler in jezelf’, suggererend dat iedereen zou kunnen doen wat de mensen in zijn film deden. En wat die deden was zó erg dat de makers van de film er rekening mee hielden dat er geen publiek voor zou zijn. Dat viel mee. Vele miljoenen Sovjetburgers kwamen ervoor naar de bioscoop. Kennelijk konden zij die vreselijke beelden dus wél verdragen. Mede omdat de misdaden die erin te zien zijn werden gepleegd door de tegenpartij, door ‘de vijand’? In elk geval waren ook de opnamen zelf zo realistisch dat Klimov vreesde dat zijn jonge hoofdrolspeler er geestelijk onderdoor zou gaan. Om dat te voorkomen werden zelfs hypnosetechnieken toegepast.

En toch, hoewel Klimov vermeldde dat soms mensen in het bioscooppubliek per ambulance moesten worden afgevoerd, dan nog zag hij zijn film als terughoudend.

‘Kom en zie’, de uiteindelijke titel komt uit de bijbel, gaat over een specifiek bloedbad, aangericht door een beruchte SS-eenheid, samen met vooral Oekraïense collaborateurs. Twee echo’s in één. De laatsten doen denken aan het door de Russische propaganda verbreide idee dat de Oekraïners van nu ‘nazi’s’ zouden zijn. Terwijl juist de baas van het Kremlin nog het meest aan een nazi doet denken. Ook de samenstelling van de Duitse SS-brigade komt in de huidige oorlogstijd bekend voor: er dienden vooral misdadigers en andere gevangenen in.

Nóg een echo: het bloedbad vond plaats in Khatyn, een naam die bij mij een niet-zilveren belletje doet rinkelen. Een vergissing. Dat waar mijn eigen vader mij over vertelde was Katyn.

Mijn vader bracht een aantal jaren van zijn leven door in Duitse krijgsgevangenschap. Daarover zei hij (mij) weinig. Waarom niet? Omdat hij zijn kinderen er niet mee wilde belasten? Omdat hij er niet aan herinnerd wilde worden door erover te vertellen? Of was het een mengeling daarvan?

In elk geval hield hij ons voor dat er ‘ook goede Duitsers bestonden’. Maar, explicieter nog, waarschuwde hij voor zijn bevrijders, de Russen, terwijl wij dachten dat hij hen juist dankbaar zou zijn. Nee dus.

Moskou, 1983
© Manfred Wirtz

Op zijn netvlies stond nog scherp hoe zijn bevrijders daarbij tekeer gingen, zonder in detail te treden. Pas een paar jaar geleden deed een van zijn medegevangenen dat wel, al was het indirect. Hij vertelde dat lokale vaders ertoe overgingen hun eigen dochters te doden, om hen voor de Russen te behoeden. Het soort scènes waarvoor ik vrees in ‘Kom en zie’.

Wel sprak mijn vader me over de meedogenloze afwachtendheid van de Russen tijdens de Opstand van Warschau. En over de gruwelen in de bossen van Katyn. Plaats delict: één land verderop. Daarbij ging het over het afslachten van duizenden Poolse soldaten door de Russen, een massamoord à la Srebrenica die de Sovjet-Unie decennialang in de schoenen probeerden te schuiven van de Duitsers.

Niet dat de Russen het patent hebben op desinformatie en propaganda, maar toch. Ook het Russische seriële liegen echoot door tot op de dag van vandaag.

Hoe was het trouwens voor mijn vader, daar in zijn gevangenschap? In de lacunes van mijn kennis daaromtrent wordt deels voorzien door een publicatie van pas anno 2021:

Verzwegen oorlogsjaren

Nederlandse militairen in Duitse krijgsgevangenschap

1940 – 1945

Een P.S. van ruim anderhalve kilo.

De titel wijst er al op dat het zwijgen niet iets specifieks van mijn vader was. Het voorwoord rept erover dat één van de drie auteurs een kistje vond dat voor hem de trigger werd voor nader onderzoek. Het soort kistje dat ik ook zelf heb, uit Stanislau, in het huidige Oekraïne. Tegenwoordig Ivano-Frankivsk.

Wat leerde ik uit dit boek wat ik nog niet wist?

– Al direct, al in mei 1940, werden er zo’n 22.000 Nederlandse militairen als krijgsgevangenen naar Duitsland afgevoerd.

– Om verrassenderwijs in juni alweer terug te keren.

– Het had er de schijn van dat Hitler de Nederlanders zag als een soort B-selectie van het Herrenvolk. Niet al te hard aan te pakken, daarom. In eerste instantie.

– Gaandeweg, echter, verdwenen alsnog ruim 11.000 Nederlandse militairen naar steeds oostelijker kampen, waaronder mijn vader.

– Er was groot onderscheid in de behandeling van verschillende categorieën krijgsgevangenen. Nederlandse officieren, zoals mijn vader, hadden het relatief goed. Lagere rangen kwamen er slechter af, om maar niet te spreken over bijvoorbeeld Russische lotgenoten.

– Onder de krijgsgevangenen was een belangrijk onderscheid wie van hen aan de Duitsers het geëiste erewoord hadden gegeven om niets tegen de bezetter te ondernemen en wie dat niet had gedaan. Hoewel Nederlandse bevelhebbers de manschappen dat erewoord meer of minder expliciet hadden toegestaan, bleef het toch een kloof.

– Zoals mij al eerder bleek uit het verhaal Over YET, inzake niet-militaire gevangenen die na de Duitse overgave terugkeerden naar het vaderland, gold dat ook voor de krijgsgevangenen: als ze gedacht hadden thuis warm te worden ontvangen, dan kwamen ze bedrogen uit. Voor alle terugkeerders gold dat iedere mond extra ook moest worden gevuld, in een tijd van grote schaarste, maar krijgsgevangenen werden bovendien niet zelden met scheve ogen aangekeken. Niet alleen wat de erewoordkwestie betreft, maar ook vanwege de vraag hoeveel krijg er aan hun gevangenschap vooraf was gegaan en of een aantal van hen de tijd in de kampen relatief ‘riant’ was doorgekomen, vergeleken met de achterblijvers aan de Noordzee.

Zeker is dat op veel kampfoto’s (van officieren) de gevangenen er eerder verveeld dan ondervoed uitzien. Niet alleen vanwege min of meer voldoende voeding in het kamp zelf, maar ook door supplementen in de vorm van Rode Kruis- en privépakketten die hen vanuit het thuisfront werden toegestuurd.

Mijn vader links.
In werkkledij. Zie onder.

– Los van het devies ‘vergeten en doorgaan’ had men voor de krijgsgevangenen bovendien weinig oog in vergelijking met wat de mensen in concentratiekampen was overkomen. Ook de krijgsgevangenen zelf voelden zich wellicht niet geroepen in dat perspectief hun vinger op te steken. In het bijzijn van een geamputeerde begin je niet gauw over een gebroken teen.

Conclusie? Was de tijd van mijn vader in de Duitse gevangenkampen dan zo erg nog niet?

Een indicatie van het antwoord was misschien te vinden in het feit dat hij nadien nooit meer in Duitsland wilde komen, er zelfs niet doorheen wilde rijden op weg naar een ander land.

*

Ondertussen vraag ik me af hoe de Russen van nu omgaan met de Oekraïense krijgsgevangenen die in hun handen zijn. En andersom.

Zonder veel hoop op respect voor de Geneefse Conventies daaromtrent, moet die hoop het (karig) doen met de wetenschap dat ook de tegenpartij dat soort gevangenen in handen heeft. Met de nadruk op ‘soort’: krijgsgevangenen kan je ‘gewoon’ slecht behandelen, in strijd met de Conventies, ervan uitgaand dat je daarmee weg zal komen, of je kan ze technisch ‘degraderen’ tot een categorie die minder wettelijke bescherming biedt. Met name dat laatste werd door de geallieerden gedaan met gevangen genomen Duitsers. Velen ervan werden in plaats van ‘Prisoners of War’ ingeschaald als ‘Disarmed Enemy Forces‘.

What’s in a name? Heel wat. In die ‘verlaagde hoedanigheid’ werden gevangen genomen vijanden onder meer ingezet bij het ruimen van mijnen.

*

En ‘Kom en zie’? Ik mailde een filmkenner/-maker. Kende hij die film? En, zo ja, wat moest ik doen? Er waren nog minder dan twintig uur te gaan voor het begin van die ene voorstelling.

Zijn antwoord:

“Ja, gedeeltelijk gezien. Beelden die ik nooit meer vergeet. Ik had het NIET willen zien. Dus nee, niet gaan kijken”.

Gevolg: ik liet de film, weer, aan mij voorbijgaan. Maar los laat het me niet…

*

TERZIJDE

– ‘Ik beloof’

Voor zover ik weet hoefde mijn vader geen erewoord te geven, omdat hij als officier nog in opleiding was toen de oorlog uitbrak. In die zin was hij een krijgsgevangene zonder krijg, althans als militair.

– Speciaal

Mijn vader was de zoon van een belangrijk persoon in bezet Nederland. Beïnvloedde dat zijn positie in de kampen? Geen idee. Wel weet ik dat zijn vader hem had gezegd ‘niets voor hem te kunnen doen’ en dat de zoon ook geloofde dat zijn vader de hardheid had om, in geval van een poging tot chantage, inderdaad niets voor hem te zullen doen.

Zeker is dat mijn vader het op een zeker moment schopte tot ‘kok/slager’, geen verkeerde functie in een gevangenkamp.

– P.S. Deel 2

– Uiteraard waren er ook nog Nederlandse krijgsgevangenen in Japanse handen (die het veel slechter hadden).

– Zo’n 400.000 Duitse en 50.000 Italiaanse krijgsgevangenen werden geïnterneerd in de V.S.

– Opstand van Warschau (1944)

Niet te verwarren met de opstand in het getto van Warschau (1943)

– Katyn

In 1990, bij monde van Gorbatsjov, erkenden de sovjets hun verantwoordelijkheid alsnog.

– Elem Klimov (1933-2003)

De regisseur van ‘Kom en zie’ over zijn film.

Over YET