De Spinnen

paradijs-2

I Ragni – De Spinnen

Tot wanneer is een baby nog een baby? Geen idee. Maar het verschil tussen kleine en grote spinnen is zonneklaar. Wanneer is een spin groot? Als je ‘m kan horen vallen.
En waarop dan wel? Op de wasmachine. Als dát een geluid geeft zoals de zachtste slag in het repertoire van een paukenist, dan is er sprake van een spin XL. Een spin waar je van opkijkt. En daar hebben we er hier heel wat van.

XXL.L

Spinnen, mijn vrouw hield er niet van toen we hier kwamen. Nu nog niet. Maar het went. Echt waar. Als je maar genoeg van die XL-spinnen ziet, dan zijn die M- en S-jes op den duur niets meer.
Dat veel vrouwen bang zijn voor spinnen is een feit met een extreem lage nieuwswaarde, maar fascinerend is het wel. Zelf bekijk ik spinnen anders, tactisch. Het zijn bondgenoten in de strijd tegen mijn vijanden. Hun hapjes. In zijde gebonden. Waarom eerst die natuurlijke vrienden wegjagen en dan een spuitbus kopen? Waanzin.
Hoe dan ook, de meeste XL-spinnen blijven buiten. Uit zichzelf. Ze zijn gewoon niet huiselijk ingesteld. Ze zitten in de schuur of in de tuin. Dat scheelt weer voor de arachnofobe medemens, hoewel vrijwel alle Italiaanse spinnen voor elke mensensoort volmaakt onschuldig zijn. Er is er maar één die zelfs de adder in giftigheid naar de kroon wil steken: la malmignatta. Ze is een familielid van de zwarte weduwe, het soort spin waar je weduwe door kan worden. Daarom komt het wel goed uit dat ze makkelijk te herkennen valt. Vooral door de rode stippen, waarbij het fatale aantal de rechtgeaarde Italiaan onmogelijk verbazen kan: 13.
Hoeveel diersoorten zijn er eigenlijk die zich in meervoudsvorm vooral bezighouden met hetzelfde werkwoord? Spinnen doen aan spinnen. Goed, poezen ook, maar alleen als ze liggen te niksen. Nee, dan spinnende spinnen. Werken, werken, wachten. En niet gewoon werken. Kunstwerken. Hoe krijgen ze het voor elkaar, nog los van alleen al die magische draad? Hoe lukt het ‘m die twee uitersten aan elkaar te verbinden? Van dat takje daar links naar die hoge paal. Een wonder.
En dan hun vangnetten, al die verschillen in design. Het klassieke model is maar één van de vele.

Website.S
Website


Soms, met tegenlicht, zie je eindeloos lange draden. Glanzend. Liggend op het land. Losse draden. Waarvoor? Wie trapt daar in? Wat dat betreft, het moet gezegd, heb je soms zo je twijfel of spinnen wel doen aan marktonderzoek. Af en toe denk je toch: ‘Hoe kan zó’n knap beest in hemelsnaam verwachten dat híer iets eetbaars wil verdwalen?’ Dan lijkt een pizzeria op de Mount Everest nog een beter idee. Maar ja, misschien waren de A-locaties al bezet.
In de oleander zit zowaar een spin zonder web. En toch heeft-ie iets beet, veel groter dan hijzelf. Een vlinder. De spin is wit. Spier-. Wie weet heeft-ie juist daardoor iets engs. Hoe is het hem gelukt dat fladderding te vangen? Misschien omdat dat ding dacht dat iets wits onschuldig was?

eng wit.M

*

© Joost Overhoff

Alle Details uit Het Paradijs