177. Vlievogels

Wat doen die twee daar, op de waddendijk?

wad.L

Daarover later meer.
Eerder was ons oog gevallen op een interactief kaartje van het waddeneiland. Daarop kan je zien welke vogels er waar zijn gespot. Héél recentelijk. Want als wij, Nederlanders, ergens goed in zijn dan is het wel in vogels tellen. ‘Mussen: 1’ staat er ergens op het kaartje, met als datum de vorige dag.
Vandaag kunnen we er nog een ‘Mussen: 1′ bij doen, als we zouden weten hoe dat moet. Maar misschien tellen binnenmussen niet mee. De onze zit binnen in strandpaviljoen ’t Badhuys. Hij heeft plaatsgenomen op een stoel en kijkt begerig naar onze cranberrytaart. Want als wij, Nederlanders, ergens goed in zijn dan is het wel in het consumeren van koffie + taart + slagroom. Zó goed zelfs dat we de slagroom uitdrukkelijk niet hadden besteld, maar ‘m toch kregen. De mus, echter, blijkt zich moeiteloos aan te passen aan veranderende omstandigheden. Buiten niets te eten? Dan ga ik toch naar binnen? En terwijl de ‘taart met slagroom’ verandert in ‘slagroom zonder taart’, past hij zijn interesse aan. Alleen slagroom? Ook goed.

Nu die twee op de dijk. Ze turen met grote kijkers in de verte. Zijn het supertellers? Nee, het zijn wetenschappers in actie. Nou ja, actie… Ze bewegen niet. Urenlang houden ze hun blik gericht op een paar vogeltjes in de verte. En waarop dan wel? Op scholeksters. Maar niet op allemaal. Alleen op de vogeltjes die ze eerder van een gps-systeempje hebben voorzien. Door de beestjes te filmen en dat te vergelijken met de gps-data kunnen ze hun systemen ijken. Net als wanneer je een afslag neemt je graag wilt dat je tomtom gelijk heeft dat er daar een is.
En waarom scholeksters? Daar gaat het slecht mee. Onderzoek moet uitwijzen waarom. Wordt hun voedsel teveel weggevist door ons, mensen? Schenken wij hen aan de andere kant weer teveel van dit?

doppen.L
Vlieland, gemaakt van plastic doppen gevonden aan zee.


Bij thuiskomst leer ik dat de scholekster een heel honkvast beestje is. Hij haat verhuizen. Ik snap ‘m:

‘Je suis un scholekster’.

Maar handig is het niet. De scholekster past zich niet of moeilijk aan aan veranderende omstandigheden. Hij is dus niet zo slim als de mus, of als de ekster zonder schol-.
Conclusie?

Een scholekster is een huismus.

Onderzoekers, succes!

turen.M

krabbel

N.B.1
Op Vlieland vind je bij diverse vogelkijkhutten informatie voor gewone mensen, zoals ik.
Zo leer je over de opvallende gelijkenis tussen de wulp en zijn silhouet.

wulp.M

N.B.2
Het scholeksteronderzoek wordt gedaan door
Het Nederlands Instituut voor Ecologie