De wereld is vol bots. Chatbots niet in het minst.
Een mens te spreken krijgen valt tegenwoordig niet mee. Vaak moet je eerst met een chatbot in de slag voor je in contact kan komen met iemand van vlees en bloed. Zoals laatst.
We hadden al een tijdje geen post meer ontvangen en de buurvrouw ook niet. In onze digitale tijd gaat het daarbij vooral nog om tijdschriften, de weinige dingen die nog tastbaar in je bus vallen.
Maar nu dus niet. Zo schemerde er ook niet meer iets blauws door de gleuf. Daar konden we wel mee leven, maar de rest…
Wat te doen? Die tijdschriften ermee lastig vallen je kopieën te laten sturen, terwijl vrijwel zeker was dat het probleem lag bij het postbedrijf?
Ik dacht : ‘Ik probeer het gewoon daar’.
En ja hoor, daar was hij, de bot. Het was Daan. Toch wel fijn dat hij een naam heeft. Bijna gezellig. Laat ik hem dan ook maar groeten, al doet dat hem niks.

Leuk ook, dat ‘Hoi!’ We zullen het vast goed kunnen vinden samen, Daan en ik.
Vooruit met de geit.

Daan heeft het door!

Voor gewone post kan je niet kiezen. En die code voor het laatst? Een jaar geleden?

Nu was die gewone post keuze er opeens wel.

Bakkie koffie, Daan?
Is Daan wel wakker? Of is-ie een AI-bejaarde, nog uit de AI-oertijd? Ik ken een mensbejaarde die schaakt met AI en telkens boos is als ze, na lang denken, een zet doet en AI binnen een seconde komt met een (haarscherpe) tegenzet.

Tja, het gaat om verschillende dingen die op verschillende dagen worden bezorgd. Ik kies maar wat:


Vreemd, Daan kent toch zeker alle adressen, ook dat van Sinterklaas? Of zijn die twee huisnummers teveel voor zijn arme, oude brein, nog 1.0? Alleen X moet voor hem dan toch wél bingo zijn?

Ah, hij probeert er tussenuit te piepen, Daan! Maar zo makkelijk laat ik hem niet gaan.

Daan wil niet meer. Ik nog wel, maar dan met Janine, of Omar, of… In elk geval iemand met een hartslag.

Mijn eigen hart springt op. Ik ga er komen! Ik zie ze al zitten, in zo’n rij. Headsets ready.
Maar dan…

Nee, hè?!

Wat word ik hier moe van…


