505. Het Randje / 1

We turen uit het raam. Van de Zwitserse trein. Waar zou die precies lopen, de roemruchte ‘Polenweg’? Jaren geleden, toen we fietsten van Italië naar ons kikkerland, hadden we die weg al moeten beleven. Maar we kozen toen voor onze tocht het slechtste voorjaar van de eeuw en moesten heel Helvetië overslaan.

Nu proberen we het weer, in april, vermetel vroeg in het seizoen. Maar wat wij graag ‘vermetel’ noemen kan je ook omschrijven als ‘vragen om problemen’. Het is koud, heel koud, en het sneeuwt, af en toe. Waar zou de sneeuwgrens precies liggen?

We vragen het de conductrice. Zij heeft zelf de Polenweg te voet gedaan. Over hoe die er nu bij ligt – sneeuw, ijs? – heeft ze geen zekerheid. Eén ding weet ze wel: ‘Er wordt daar niet geruimd’.

We grappen dat als we in de problemen komen, zij en haar collega ons zullen komen redden.

Het stationnetje van Thusis ligt een flink stuk lager dan de hoofdstraat. Je komt er via een pittig mini-colletje, bij wijze van fiets-intro. We installeren er ons bij een banketbakkerij, met café en kamers. Een prima adres.

Thusis, hoofdstraat.

Bij ons ontwaken sneeuwt het en bij vertrek stopt de baas ons twee pakjes toe. ‘Melkchocolade de luxe’. Zonder twijfel peperduur. Zó is hij onder de indruk van wat we gaan doen, met dit weer bovendien: fietsen van Thusis richting Holland.

Durven we het hem te vragen: ‘Mogen we misschien puur?’ Nee.

Het fietsen begint met zachtjes suizen naar beneden, het dorp uit. Daar staan we even stil, kijken om ons heen en snuiven de koude Alpenlucht diep in ons op. We zijn erop gekleed. Laag op laag op laag (5x). Ik voel in mijn jaszak. De kamersleutel.

Een valse start. Terug naar het station. Vandaar ga ik te voet terug naar het banketparadijs. Er blijken drie ruime liften te zijn. Er gaan mensen in met grote kinderwagens. Hadden we ons dan eerder dat steile colletje kunnen besparen? Nee. Naast de liften prijkt een groot bord. Eén keer met de fiets erin: 200 Zwitserse frank boete. Iedere volgende keer: 1000. Welkom in Heidiland.

We zetten alsnog opgewekt koers richting de Polenweg. De mus waarmee ik mijn lieftallige reisgenote van tevoren had blij gemaakt, harde wind in de rug, blijkt echter met zijn pootjes stijf omhoog te liggen. Hard is-ie wel, die wind, maar hij staat tegen. Pal. Het goede nieuws: van sneeuw en ijs geen spoor.

Daar waar de Polenweg begint is een groot bord neergezet. Daarop is sprake van een omleiding.

We zullen het wel zien. Een eindje verderop wijst een bordje met ‘Umleitung’ richting het bos.

Tja, wat zullen we doen, dat bordje op oud-Hollandse wijze negeren en kijken hoe ver we komen? Bij onze vorige grote fietstocht hebben we in Frankrijk op spectaculaire wijze zoiets wel gedaan. Ook dat was ‘vermetel’, dan wel ‘onverantwoordelijk’. Naar keuze.

Maar ja, die Zwitsers… Met hun boetes en regels. Die omleiding zal er wel niet voor niets zijn en onze helmen kunnen een wat groter rotsblokje van boven niet aan. Tot voor kort is de hele Polenweg lange tijd compleet afgesloten geweest, wegens steenslag.

Na enig zoeken vinden we een onduidelijk pad en dalen af, met de fietsen aan de hand. En worden gered door een vrouw met een hond. ‘Die omleiding is ergens anders voor. De hoofdweg is gewoon open’.

We duwen ons weer omhoog en hervinden de weg, waar verder niemand te bekennen is. Geen wandelaars, geen fietsers, zelfs de eekhoorns zitten binnen. En wij, wij trotseren de snerpende tegenwind op de ‘polaire weg’. De lucht is loodgrijs. Af en toe een druppel en een vlok, beide in twijfel of ze zich zullen voordoen als de ander.

Diep beneden ons baant de Achter-Rijn zich een weg omlaag, als een onzekere jongeling nog onwetend van de grootse toekomst die voor hem ligt. Spoedig, nog naast de Polenweg, zal hij een zijinstromer ontmoeten, de Voor-Rijn, en verder samen door het leven te gaan als simpelweg de Rijn. Op weg ‘naar de uitgang’, bij ons.

Hoe lang zal hij dat nog doen, met het smelten van de gletsjers bij de opwarming van de aarde?

Van die opwarming merken we trouwens bar weinig. Iets verderop komen we weer wat op temperatuur in de stationsrestauratie van Domat/Ems. ‘Restauratie’ klinkt in combinatie met stations ietwat oubollig, maar dit is het tegendeel. Hypermodern, kraakhelder en Fehlerfreie taartjes. En we stellen vast: ‘We hebben ‘m gedaan, de Polenweg!’ Eindelijk.

En, hoe was-ie nou? Ehm, om dat echt goed te weten hadden we het te druk met de elementen. Wel mooi, geloof ik…

We stappen weer op onze rossen en rijden verder noordwaarts, langs de Rijn. Voorbij Chur, tot in Maienfeld. We nemen er onze intrek in een bescheiden herberg, met uitzicht op de wegwijzer richting Heididorf. Ook Vaduz staat erop, de hoofdstad van Liechtenstein die we rechts zullen laten liggen.

Het plaatsje Maienfeld blijkt een voorname rol te spelen in de roman Heidi, een glorieus werk in de Zwitserse hoge literatuur en een belangrijke bron van toerisme.

Tijd voor een gloednieuw Joostianium, als geschenk voor ons gastland:

In de bediening en zelfs de bedrijfsvoering van het hotel is trouwens niet één Zwitser te bekennen, een constante vanaf het begin van onze reis. ‘Zwitsers bedienen niet’, lijkt het wel. Daar hebben ze anderen voor. In dit geval een Hongaarse en een vrouw uit Polen.

Naast ons strijken twee jonge vrouwen neer, met alleen oog voor elkaar. Ze kennen elkaar pas net, zo lijkt het. Een internetdate? De ene vol tattoos en het hoogste woord, de andere stil en afwachtend.

De herberg is er een zonder ontbijt. ’s Ochtends tref ik in de keuken een Portugese schoonmaakster die ons van heet water voorziet. Haar man heeft haar verlaten voor een ander, met ‘medeneming’ van het huis en al het geld, zodat ze moet doorbuffelen in Heidiland voor ze weer terug kan, naar haar geliefde Porto. En de Zwitsers? ‘Ze zijn koud’.

We schenken haar een van onze superchocoladetabletten en stappen weer op.

Verder trappen we, langs de Rijn, alsmaar verder. In de richting van Het Randje…

*

Wordt vervolgd.

Deel 2

TERZIJDE

– De Polenweg dankt zijn naam aan degenen die hem aanlegden: geïnterneerde Poolse soldaten in WOII.

– Voorspelling voor nog geen week later: 24 graden.

– Alle Joostiania.